Ik heb het recht om te zeggen wat ik denk

 


“Oke, eens kijken, zou jij je trui even uit willen trekken?” Verbaasd keek hij me aan. “Nou goed dan, ik heb het toch warm van het fietsen en er zit nog een t-shirt onder.” Ik bekeek het labeltje van de trui en ontdekte dat het gemaakt was in Bangladesh. “He, eens kijken waar mijn trui vandaan komt…” En zo gingen ook de andere kinderen op zoek naar de herkomst van hun trui. China, Mauritius. Maar geen Nederland. Het bracht ons bij het onderwerp van deze filosofieles: rechten van de mens (en van het kind!).

Vrijheid van meningsuiting

Was het niet de Franse filosoof Voltaire die aan de wieg had gestaan van het recht op vrijheid van meningsuiting. Met elkaar gingen we ontdekken in hoeverre we het eens waren met de stelling: Ik heb het recht om te zeggen wat ik denk. Wat is eigenlijk “recht hebben”? En bedoel je met “zeggen” ook “schrijven”? En als we het over denken hebben… gaat het dan om feiten, meningen of overtuigingen? Er ontstonden twee kampen: de kinderen die het er volledig mee eens waren en de kinderen die twijfelden. Die vonden dat er uitzonderingen waren op de regel.

Wat kun je beter niet zeggen?

“Ja, ik hoorde Jochem Myer laatst zeggen dat je sommige dingen beter niet kunt zeggen, ook al denk je het wel.” “Wat zou je dan beter niet kunnen zeggen, maar mag je wel denken?” Er kwamen wat voorbeelden. Maar ook in het andere kamp werd diep nagedacht en gesproken. “Nou kijk, als je samenwerkt of aan het spelen bent, dan zijn er altijd kinderen die het hardst roepen wat ze willen, wat ze denken. En dan krijgen zij hun zin. Terwijl de kinderen die het misschien niet zo hard zeggen, wel een veel beter idee hebben. Dus ik vind dat iedereen het recht heeft om te zeggen wat hij denkt.” Na een stevig gesprek, besloot hij toch over te stappen naar het andere kamp “Ja, tenzij… er sprake is van discriminatie.” “Dat is toch een recht van de mens, dat iedereen gelijk is, dat we niet discrimineren?”

Wat heb jij gegeten vandaag?

Terug naar de kleding. Ik liet ze een filmpje zien van het Klokhuis over de “mensenrechten-test”. Met de opdracht om eens alle rechten op te schrijven die daar aan de orde komen. Een kind heeft het recht op onderwijs en om kind te zijn. Dus geen kinderarbeid. “Mmm, misschien is mijn trui wel gemaakt door een kind, dat wist ik niet. Maar het is dan ook heel ver weg he”. Vervolgens kwamen ze met het recht op een veilige plek en gezond voedsel. “Wat heb jij eigenlijk gegeten vandaag?” “En hoe gezond is dat?” “Mijn moeder heeft een moestuin, dus we eten eigenlijk best wel gezond thuis. Maar dat zal niet overal zo zijn.” En hoe veilig is het voor al die kinderen in oorlogsgebied? Langzaam aan kwam het besef dat ook aan onze mensenrechten nog wel wat schortte. Op papier is het een mooi streven, maar de praktijk blijkt een stuk lastiger.

Maak wat je heb bedacht

“Jullie hebben het recht om te maken wat je hebt bedacht”, was mijn laatste opdracht. Geen kleurplaat, geen instructie, alleen een doosje met open materiaal, een lijm en een schaar. Go!

Reacties

Populaire posts van deze blog

Scheten laat je niet aan tafel

Google, wat is een tijdkrabber?

Wat kan ik geloven?